CABARET
Sinds juli werkten we aan een Nederlandse cabaretvoorstelling met als thema "Het leven van Nederlanders in Thailand". Een idee waar ik al jaren mee rondliep. Een moeizaam begin waarin veel vergaderd werd en het theaterwiel vaak opnieuw moest worden uitgevonden. Het is ook lastig om met mensen te werken die zelden een theater van binnen hebben gezien en nooit toneelteksten hadden geschreven. Wel hadden we een "origineel" programma op het oog. Dus geen teksten op bestaande liedjes. Het moest tenminste het niveau van "tussen de schuifdeuren" overstijgen. Dat was mijn eis. Het laatste weekeinde van februari was het zover. Premiere en twee vervolgvoorstellingen. De verwachtingen bij het publeek waren hoog gespannen. Dat bleek wel bij de voorverkoop. We waren al drie weken ervoor uitverkocht. Twee extra voorstellingen zouden nog volgen in maart. Al bij de try out kregen we een staande ovatie. Vooral de liedjes over het leven in Thailand, gepaard aan het ouder worden, sloegen erg aan. Moet zeggen dat ik ook wel trots was op de composities. Kroon op het werk was het bezoek van de Nederlandse ambassadeur en zijn vrouw. Dat werd door ons hogelijk gewaardeerd. Er was gevraagd om de voorstelling in Bangkok te houden maar dat heb ik meteen geweigerd. Immers de intieme sfeer van mijn huiskamer getransformeerd in een theatertje kon op de ambassade niet verwezenlijkt worden. De hele ambiance nabouwen van bordeauxrode stoeltjes, tafeltjes en muren zou in het strakke ambassadege
Het programma bestond uit een bonte verzameling van liedjes en sketches over het leven van Nederlanders in Thailand. De titel dekte geheel de lading: "In Thais en Vree". Monologen over aidsvoorlichting aan het strand, een lied van een moeder in Chang Mai die zich afvraagt wat haar dochter van zestien in Bangkok moet. "Ze zwemt met John en danst met Piet, maar wat ze doet, dat weet moeder niet." Of over mannen van zestig die denken dat hun pas veroverde vriendin ook echt van hen houden. En als dat niet het geval is dan kijken ze bij het dansen over de schouder naar een ander voor de nacht. Een monoloog waarin een vrouw zich geheel overgeeft aan de cosmetische industrie en alle rimpels en verzakkinkjes laat wegsnijden waarna ze als een zombie helemaal in het verband bezoek krijgt van haar man, die haar niet herkent. Voor het publiek ook heel herkenbare zaken en de spelers deden enthousiast hun best. De organisatie had ik uitbesteed aan twee vrienden die dat voortreffelijk hebben gedaan. Ik had twee politieagenten prive ingehuurd om te voorkomen dat mijn dronken buurman de zaak zou verstoren. Hij kreeg opdracht om tijdens de voorstelling zelfs zijn auto niet voor zijn huis te zetten. Dat heeft bij hem kwaad bloed gezet. Het daarop volgende weekeinde hadden we twee ingelaste voorstellingen. Tot de nok toe uitverkocht. Nu geen agenten. Dat werd me te duur. De eerste avond verliep ongestoord. Bij de tweede werd tijdens een nummer over een parkeerwachter op de deur gebonkt en "fuck you!!!" geroepen. Iedereen op het toneel was uit zijn concentratie. Na afloop bleek dat het publiek dacht dat het erbij hoorde. De acteur blies op een fluitje en moet dan wegspringen op het geluid van gierende banden. Op dat moment deed zich het klopincident voor. Achteraf lagguh, dat wel.
Na deze geslaagde serie nu weer rust en oefenen voor de schnabbel in het chicque Manhattans restaurant waar ik drie dagen de pianist vervang. Leuke uitdaging en verder gewoon weer de routine van elkje week dinsdag: het dameskoor. Music is still in the air.

Reacties